Logo CPI Alkmaar

Algemeen

Parodontologie is de leer van de ziekten van het parodontium.
Het parodontium is het weefsel rond de wortels van tanden en kiezen.
Het omvat de gingiva, het parodontale ligament, het wortelcement en het alveolaire bot.
Gingiva is een ander woord voor tandvlees.
Het parodontale ligament zijn de bindweefselvezels tussen enerzijds de wortel van de tand of kies en anderzijds het kaakbot.
Het wortelcement is een laagje op de wortel waarin de vezels van het parodontale ligament vast zitten.
Het alveolaire bot is een ander woord voor kaakbot.

Tandvleesziekten zijn in twee categorieën te delen.

  1. Ziekten die voornamelijk door bacteriën veroorzaakt worden, te weten gingivitis en parodontitis. Deze ziekten worden over het algemeen door de mondhygiëniste, de tandarts of de parodontoloog behandeld.

  2. Tandvleesafwijkingen die niet   door bacteriën worden veroorzaakt. Deze groep wordt over het algemeen door de kaakchirurg behandeld.

Een parodontoloog is een tandarts met specifieke kennis op het gebied van de parodontologie.
In Nederland zijn ongeveer 70 tandarts – parodontologen die erkend zijn door de NVvP (de Nederlandse Vereniging Voor Parodontologie).

Een mondhygiënist is een op HBO-opgeleide paramedicus, werkzaam binnen de mondzorg. De taken die de mondhygiënist uitvoert zijn in eerste instantie gericht op preventie- het voorkomen van cariës (gaatjes in tanden en kiezen) en tandvleesaandoeningen. Daarnaast voert de mondhygiënist ook curatieve taken uit (= gericht op genezing), zoals het behandelen van tandvleesaandoeningen. Voorbeelden van werkzaamheden van de mondhygiëniste zijn:

  1. Het uitvoeren van een mondonderzoek en indien nodig het maken van röntgenfoto's.
  2. Het geven van uitgebreide voorlichting over het ontstaan van cariës, tandvleesaandoenigen en het effect van voedingsgewoonte op het gebit.
  3. Het geven van uitgebreide voorlichting over gebitsverzorging.
  4. Het uitvoeren van een volledige gebitsreiniging, waarbij plaque, tandsteen en aanslag worden verwijderd.
  5. Het uitvoeren van preventieve behandelingen waaronder het aanbrengen van gebitsbeschermende middelen, b. v. fluoride en het aflakken van gevoelige tandhalzen.
  6. Daarnaast is in de Wet BIG geregeld dat de mondhygiënist, mits bekwaam en bevoegd, in opdracht van de tandarts, anesthesie (verdoving) mag geven.

Een preventie assistente is werkzaam binnen de tandheelkundige gezondheidszorg. De taak van een preventie assistente ligt vooral op het preventie vlak. Dit houdt in dat de mondhygiënische zorg vooral gericht is op het voorkomen van aandoeningen aan het gebit en de daar omheen liggende weefsels.

De werkzaamheden van de preventie assistente binnen het C.P.I. zijn:

  1. Het geven van voorlichting over het ontstaan van tandvleesaandoenigen en tandbederf.
  2. Het geven van voorlichting over het effect van voedingsgewoonte op het gebit en het adviseren daarover.
  3. Het geven van informatie hoe de mond het beste verzorgd kan worden en welke middelen daar het beste voor gebruikt kunnen worden.
  4. Het verrichten van een eenvoudige gebitsreiniging, waarbij plak, tandsteen en aanslag worden verwijderd.
  5. Het behandelen van gevoelige tandhalzen.
  6. Het afnemen van kweekmonsters voor een bacteriologisch onderzoek.
  7. Het verwijderen van hechtingen.
  8. Het plaatsen van drukknoppen na het implanteren in een onbetande kaak.
  9. Het geven van instructie en het uitvoeren van de reiniging bij patienten met een onbetande kaak met implantaatgedragen overkapping's prothesen.
Gingivitis
Parodontitis
Behandelingen
Kosten en vergoedingen
Implantologie
Algemeen
Home
Recessies
Bacteriologisch kweek